Lonneke groeit in voorstelling, Maarten kent geen rustmomenten

Steenwijk - Lonneke Dort (32) en Maarten van den Berg (30) nemen vrijdagavond in het Vestzaktheater elk de helft van de voorstelling voor hun rekening. Beide talentvolle jonge cabaretiers brengen afzonderlijk hun eerste theaterprogramma op de planken.

Locatie: De Meenthe (Vestzaktheater), Steenwijk
Aantal bezoekers: 50
Waardering: ***

Lonneke heeft in 2017 op het Amsterdams Kleinkunst Festival de Sonneveldprijs gewonnen. Maarten kreeg bekendheid als redacteur van hij vier Lubach op Zondag. Lonneke bijt het spits af van het dubbelcabaret. Ze probeert de toeschouwers meteen voor zich te winnen door hen telkens ‘Lieve mensen’ te noemen. Ook in het verdere verloop van haar voorstelling, die de naam ‘Want laten we wel wezen’ draagt, maakt ze veel contact met het publiek. Moedig, maar ook riskant, vooral als dat publiek weinig sjoechem geeft. Zo komt een ruzie die ze met een toeschouwer wil voeren niet uit te verf. Later volgt nog een lied met een aanklacht tegen extroverte mensen.

Lonneke begeleidt zichzelf op een gitaar. Haar liedteksten zijn afwisselend cynisch, grof en komisch. Indringend is haar lied over bootvluchtelingen ‘Mij, mij, mij’. Een kippenvelmoment creëert ze met het lied over Beiroet. Dat effect wordt nog versterkt door de aanzwellende achtergrondgeluiden. Lonneke blinkt uit in haar mimiek. Onverstoorbaar en biologerend blijft ze het publiek aankijken. Ze laat je in het begin zelfs ongemakkelijk voelen, vooral als ze een levenslied afwisselend met rauwe zinnen over seks. Na mate de tijd verstrijkt, krijgt ze steeds meer grip op het publiek. Met een hugsessie en bespreking van een aantal dilemma’s komt ze zelfs heel dicht bij. Toch blijf je op je hoede voor deze intrigerende theaterpersoonlijkheid. Lonneke groeit in haar voorstelling, die ze goed opbouwt. Haar slotlied is weer lekker cynisch met een komische ondertoon: ‘We gaan eraan’.

Maarten beperkt zich tot een lange woordenstroom, zonder afwisseling en rustmomenten. Hij doorspekt zijn betogen met harde, grappige en slimme grappen Aan het begin van de voorstelling introduceert hij zichzelf als een onhandig persoon. Gedurende zijn hele voorstelling waggelt hij over het podium. Ook in de titel van zijn programma ‘Alleen pinguïns zijn zwart-wit’ refereert hij daaraan. Hij laat zijn autistische trekken zien door het opsommen van voetbalfeitjes. Maarten leert zijn toeschouwers een ontsnappingstactiek: de Feyenoordstrategie. Als een situatie penibel wordt, gaat hij er namelijk als voor dood bij liggen. De rode draad door zijn programma is zijn joods-christelijke opvoeding, waarbij de Tweede Wereldoorlog centraal staat. Deze items wisselt hij af met actualiteiten, zoals een toespraak waarmee hij Thierry Baudet op de hak neemt. Hij begint die met de woorden ‘De stier van Zeus’. Het is jammer dat hij meerdere keren teksten vanaf een vel papier opleest. Zo verliest hij het contact met het publiek, dat toch al moeite moet doen om de onophoudelijke woordenstroom te blijven volgen.

Hilda Knol