Delegatie RSG Tromp Meesters terug uit Oeganda

Steenwijk - Ze zijn weer terug uit Oeganda. Docenten Gerben Nijsingh, Marjet Wever en Klaas Molenkamp en leerlingen Chantal Visscher, Otto Dost, en Gerwin Leutscher van RSG Tromp Meesters aan de Stationsstraat. ‘De tiendaagse reis heeft ons een schat aan informatie opgeleverd’, zegt Klaas Molenkamp.

Maar wat was de aanleiding nou precies om 6500 kilometer te reizen naar het Afrikaanse Oeganda en wat hebben ze daar gedaan? ‘Een werkgroep bestaande uit zes docenten van het VSO, het Praktijkonderwijs en het VMBO Vakcollege was de drijvende kracht achter het jaarlijks terugkerend onderwijskundig project Oog voor Zorg’, zegt Molenkamp. ‘Elk jaar kiest de werkgroep een aantal goede doelen die in het teken staan van Zorg. Gezamenlijk worden activiteiten ontwikkeld en uitgevoerd om geld op te halen voor deze doelen.’ Marjet Wever, docent Lichamelijke Oefening, vervolgt: ‘Het project heeft ook een sociaal karakter, want leerlingen en docenten hebben oog voor medemensen die zorg behoeven.’

‘Vledder Helpt’

Docent Engels Gerben Nijsingsh vertelt over de link met Oeganda. ‘We kwamen in contact met de stichting Vledder Helpt’. Die organisatie verricht prima inspanningen op het gebied van zorg voor de school St. Francis Vocational Institute in Oeganda. ‘De werkgroep Oog voor Zorg hoefde niet lang na te denken om een deel van de opbrengst van het project te schenken aan die school.’ Via Vledder Helpt werd contact gelegd met de school in Oeganda en vrij vlot kwam er een uitnodiging om de school te bezoeken. ‘We zijn hartelijk ontvangen. Marijke Boot, van Vledder Helpt, is ook mee geweest om beide scholen te begeleiden bij het uitwisselingsprogramma.’

Cultuurverschillen

De RSG leerlingen toonden filmpjes. Ze hadden hun school en thuisleven in beeld gebracht en deelden dit met de leerlingen in Oeganda. ‘De leerlingen ervoeren dat er wederzijds grote verschillen zijn wat betreft het dagelijkse doen en laten. Immens grote cultuurverschillen, met daarnaast compleet andere leefgewoontes en leefomstandigheden. En daarbij is het moeilijk aan te geven wat goed of fout is.’ Vanuit Nederland hadden de docenten vijfentwintig bouwpakketten van op zonne-energie aangedreven formule1-auto’s meegenomen. ‘De meegebrachte bouwtekeningen waren de handleidingen voor het maken van de auto’s. Een dergelijke manier van werken bleek totaal nieuw voor de Oegandese leerlingen.’ Toch lukte het om alle bouwpakketten rijdend te maken. ‘De leerlingen waren trots op het resultaat.’

Leren ondernemen

Marjet, Gerben en Klaas gaven een presentatie over hoe ze geld hebben gegenereerd om de Oeganda-reis te bekostigen. ‘Het ondernemen is door ons extra belicht aan de hand van het samenstellen van een gezamenlijk boekwerkje. De leerlingen moesten elkaar bevragen over vooraf aangegeven thema’s, zoals land, familie, hobby en sport.’ Ook had het RSG team een Polaroidcamera meegebracht. ‘De foto’s zijn bijgevoegd aan de gezamenlijke verslagen en die zijn samengevoegd tot zestig verschillende boekwerkjes.’ De kaften zijn door de leerlingen geïllustreerd. ‘Door de boekjes te verkopen werd het begrip ‘ondernemen’ verduidelijkt. En door deze verkoop kan men bepaalde wensen realiseren. Het project, het zogenaamde boekbinden, verdient navolging. De docenten van de school zagen deze vorm van ondernemen wel zitten.’

Ervaringen

De ervaringen zijn talrijk. ‘We hebben olifanten, apen, nijlpaarden en krokodillen gezien’, zeggen Chantal, Gerwin en Otto. Gerwin is onder de indruk van de armoede en bedelende kinderen. ‘Ook zag ik dat ze hun afval op straat gooien. Er zijn verkeersregels, maar de politie wordt gewoon omgekocht.’ Otto was tijdens een huisbezoek bij een leerling onder de indruk van een 106-jarige oma. ‘Zij regelde alles in huis. Die jongen moest elke ochtend om vijf uur opstaan om een koe te melken. Daarna moest hij twee uur lopen naar school.’ Na schooltijd om vier uur was het weer twee uur lopen naar huis. ‘Daar weer een uur de koe melken.’

De blonde haren van Chantal waren in trek. ‘Alle kinderen van de basisschool wilden aan mijn haren zitten. Dat vond ik heel bijzonder.’ Vijftig procent van de bevolking van Oeganda is jonger dan vijftien jaar. ‘Als docenten zien we kans om via Oog voor Zorg een heel dorp te helpen. Maar we gaan eerst het project evalueren.’