LTO: ‘Wat is de herkomst van het gevonden gif?’

Diever - Vereniging Meten=Weten heeft naar aanleiding van een onderzoek naar bestrijdingsmiddelen in de Drentse natuur, een brief geschreven aan de vaste kamercommissie voor LNV (landbouw, natuur en voedselkwaliteit). Hierin schrijft M=W zich zorgen te maken over de stapeling van invloeden van de uitbreidende intensieve sierteelten in de gemeente Westerveld op de natuur.

Deze week werd bekend dat bij bodemonderzoeken in onder meer het Dwingelderveld, Holtingerveld, Leggelderveld, Wapserveld, Doldersummerveld en Uffelter Binnenveld 31 verschillende bestrijdingsmiddelen, biociden en afbraakproducten zijn gevonden. Vooral Natuurmonumenten en Het Drentse Landschap reageerden geschrokken op deze resultaten.

Meten=Weten, een burgerinitiatief van verontruste inwoners van Westerveld, is van mening dat het aangetroffen gif, ongeacht de afstand tot de omliggende landbouwgebieden, niet in de natuur thuishoren. M=W schrijft zich niet gehoord te voelen. „Bij onze overheden vinden we geen gehoor. De regering doet te weinig tegen de stikstofemissies en laat het gebruik van gevaarlijke pesticiden toe. De provincie doet niets tegen de verdroging en negeert de Wet natuurbescherming. De gemeente weigert de door de minister geopperde RO-maatregelen te nemen. De stapeling van effecten van stikstof, verdroging en vergiftiging versterkt de reeds bestaande bedreiging van onze Natura 2000-gebieden. Deze gecombineerde gevolgen blijven veelal buiten beschouwing.”

Geen onderbouwing

Ondertussen heeft LTO Noord ook al gereageerd op de uitkomsten van het onderzoek. Volgens de landbouworganisatie wil niemand dat middelen uit vlooienbanden, muggenspray en gewasbeschermingsmiddelen in een natuurgebied worden teruggevonden. „Ook niet als het om zeer kleine hoeveelheden gaat die vaak niet eens meer worden gebruikt. Boeren en tuinders spannen zich in om te voorkomen dat er residuen in de omgeving achterblijven, en hebben daar al grote stappen in gezet.”

LTO Noord betreurt dat in het rapport over 17 monsters niet wordt ingegaan op de mogelijke herkomst van de aangetroffen stoffen. Ook de gesuggereerde relatie met afnemende insectenpopulaties wordt volgens LTO Noord niet nader onderbouwd. „Het is dan ook hoog tijd dat hier betrouwbaar wetenschappelijk onderzoek naar komt zodat de uitkomsten van dit soort studies beter geduid kunnen worden.” LTO Noord is blij dat verschillende organisaties zich daar al wel voor inzetten.

„De productie van voedsel, planten én biodiversiteit zijn te belangrijk om alleen op basis van veronderstellingen te willen beschermen. Meten is een ding, maar begrip van de oorzakelijke verbanden is nog veel belangrijker. Dan kunnen we allemaal actie ondernemen die effectief is, van boer tot burger tot terreinbeheerder en overheid”, zo laat Joris Baecke, portefeuillehouder Gezonde Planten bij LTO Nederland, weten.