Beheerder Claessens werkt tegen de natuur in

Sint Jansklooster - 'In De Wieden werken we constant tegen de natuur in. De natuur wil maar een ding: bos worden. Wij voorkomen dat. Want bij dit cultuurlandschap hoort een enorm rijke natuur', stelde beheerder Bea Claessens dinsdagavond.

Claessens is beheerder bij Natuurmonumenten, en gaf dinsdagavond in Sint Jansklooster een lezing.

En ergens werkt ze ook tegen haar eigen natuur in, lachte Claessens tijdens haar uitleg over het beheer van Natuurmonumenten in De Wieden. 'Ik ben geboren in Maastricht en opgeleid tot bosbouwer. Alles wat ik heb geleerd, moet ik hier vooral niet toepassen', aldus Claessens, die voor een goed gevuld gebouw De Holken sprak.

Historie van De Wieden

Ze nam haar toehoorders mee terug naar de historie van De Wieden. Vanaf het jaar 1000 kwam er permanente bewoning in het gebied. Herinneringen aan de middeleeuwse ontginning zijn nog volop te herkennen aan verkavelingspatronen. Net zoals uiteraard die aan de turfperiode. 'Ooit werd ik tijdens een lezing vermanend toegesproken omdat ik zei dat turfwinners te hebzuchtig waren: ze maakten te brede petgaten en te smalle legakkers die bij een vloedgolf doorbraken tot de grote wijden van nu. Een aanwezige wees mij erop dat de inwoners uit pure armoede wel moesten', aldus Claessens.

Met de rietcultuur die ontstond rond 1900 kwam ze in de tegenwoordige tijd terug. 'Dit gebied is ontstaan door mensen handen, en dat mensenwerk speelt nog steeds een belangrijke rol in ons beheer.  Wij willen de ontginningsgeschiedenis zichtbaar houden, terwijl we voor de natuur het landschap moeten vernieuwen. Voor flora en fauna is het essentieel dat alle fases van verlanding voorkomen: van open water via waterriet, kragge, veenmosrietland en trilveen naar bos.'

Grotendeels toegankelijk

Tegelijkertijd wees Claessens op de schoonheid van het gewone. Een ree, een haas, het riet. Samen met de bijzondere soorten vormen ze De Wieden. En de gedachte dat die voor een groot deel zijn afgesloten voor het publiek, weersprak ze nog eens. 'Mijn vader zei vroeger: ‘Als Natuurmonumenten terrein koopt, zetten ze er een hek om en mag niemand er meer in’. Die tijd is echt allang voorbij. Veruit het grootste deel van De Wieden is toegankelijk voor publiek. Of het nou te voet, per fiets of per boot is.'

Voor het in standhouden van het cultuurlandschap is veel menselijke inzet nodig. Natuurmonumenten moet de komende jaren onder meer een belangrijke inhaalslag maken met het maken van nieuwe trekgaten. Ook samenwerking met bewoners en ondernemers vindt Claessens cruciaal. 'Zij kennen het gebied door en door en zijn goed in ondernemen; wij hebben veel kennis van dieren en planten. Samen zorgen we er voor dat het landschap van De Wieden behouden blijft.'