Vestigingsmanager wordt paardenboer

Wanneperveen - Gekleed in een korte broek, T-shirt en bergschoenen opent boer Roy Stanneveld (42) de deur van Hoeve Beukers aan de Zomerdijk in Wanneperveen.

Het is bijna niet meer voor te stellen dat hij vroeger als vestigingsmanager rondliep in driedelig pak. Samen met zijn vriend Johan Dekker (44) runt hij een paardenboerderij.

De boerderij bestaat uit drie onderdelen: paardenpension, rijlessen en manege. Het predicaat zorgboerderij kun je ook nog op het bedrijf plakken. Dagelijks werken hier zeven mensen met een beperking. Grootschaligheid en  rijk worden staan niet in het woordenboek van de mannen. Wat de bedrijfsfilosofie dan wel is? ‘We verkopen buitenleven!’ zegt Roy.

Buitenleven

Dat buitenleven is er volop rond de paardenboerderij. Aan de straatzijde is een tuin met gras en borders volop fleurige bloemen. Op het erf bevinden zich twee rijbakken, een opzadelplek en een tuin met ‘knuffelvee’. Daarmee bedoelt Roy rondhuppelende konijnen en cavia’s. Op het erf scharrelt nog meer ‘knuffelvee’ in de vorm van honden en katten.

'Megakantine'

Een tuinhuisje is  ingericht  als ‘megakantine’. ‘De koffie is hier voor de werkers en leerlingen altijd gratis.’ Bij alle 26 paardenboxen hangen bordjes met de namen van de 34 paarden en pony’s. Dat zijn 27 pensionpaarden en zeven lespaarden. Overdag zijn Arie, Rynke, Karel en alle andere pensionpaarden niet in de stallen te vinden. Ze grazen in een natuurstrook van twee kilometer lang dat vanaf de boerderij helemaal doorloopt tot aan Kanaal Beukers.

Mooie deal

‘Twee hectare grond behoort tot ons eigendom,’ vertelt Roy, ‘zeven hectare hebben we in pacht en het medegebruik van nog eens vele hectares.’ De beide boeren zijn namelijk een samenwerking aangegaan met Natuurmonumenten. Dat is een mooie deal. De paarden kunnen grazen in een idyllische omgeving tussen de vennetjes en Natuurmonumenten hoeft het stuk land in de Wieden niet te maaien. De natuurorganisatie heeft wel wat voorwaarden gesteld. ‘We mogen bijvoorbeeld geen gif gebruiken.’ Ze kunnen er geld mee verdienen, maar de natuurwaarden moeten geborgd worden. Tevreden kijkt Roy uit over de grazende paarden in de natuurstrook. ‘Een paard is een kuddedier en van oorsprong een steppedier, die hoort niet thuis in een box van drie bij drie meter.’ Roy is nu aspirant-natuurboer. Zodra hij de post HBO-opleiding heeft voltooid mag hij zich natuurboer noemen. ‘Mijn scriptie zal over ons eigen bedrijf gaan.’

Hobbymatig begonnen

Het paardenbedrijf begon hobbymatig. Johan had ruimte nodig voor zijn eigen twaalf paarden en daarom kocht hij samen met Roy het melkveebedrijf aan de Zomerdijk. Deze boerderij stamt uit 1953. Buurtbewoners kwamen met hun paard of pony en de vraag of ze het hier mochten stallen. Roy zette zijn vriend toen voor de keuze: ‘Of we gaan hobbymatig door of we gaan professionaliseren en uitbreiden.’ De mannen kozen voor het laatste. In de melkstal kwamen 26 paardenboxen. De zolder werd omgebouwd tot droogzolder voor de dekens van de paarden. Het melklokaal werd zadelkamer. Toch ademt de boerderij met zijn rieten dak nog steeds de sfeer van de jaren vijftig. De ruimtes in het woongedeelte zijn niet groot. De woonkamervloer is van hout. Een design keuken tref je er niet aan.

Producten van de zorgboerderij

Johan ging ondertussen rijlessen geven en Roy verruilde zijn driedelig pak voor een overall. De manager bij een schoonbedrijf in Coevorden was voortaan paarden- en zorgboer in Wanneperveen. Hij krijgt assistentie van zeven ‘dagbesteders’. Dat zijn mensen met een vorm van autisme of psychische hulpvraag. ‘Ze vinden het fijn om lekker buiten en met de voeten in de klein iets nuttigs te kunnen doen,’ zegt Roy. Ze mesten de stallen uit, zorgen voor het ‘knuffelvee’ en werken in de tuin. Voor de toekomst hebben de boeren volop plannen. ‘We hebben een vergunning ingediend voor extra stallen, een overkapping en een winkeltje.’ In dat winkeltje willen de boeren producten gaan verkopen van de zorgboerderij. ‘Denk maar aan appeltaart, kerststukjes, bezems en bloemen.’

Wachtlijsten

Grootschalig zal het bedrijf echter nooit worden. ‘In de buitenbak laten we maximaal vijf leerlingen tegelijk rijden. En een overdekte binnenbak komt er niet,’ zegt Roy resoluut. ‘We zijn gebonden aan de natuurbeschermingswet.’ Uitgroeien tot het grootste bedrijf in de regio ambiëren ze ook absoluut niet. Zolang het bedrijf financieel gezond is, zijn de mannen dik tevreden. Hun motto is: ‘Als ons bedrijf goed draait, kunnen we blijven doen wat we leuk vinden.’ Zorgen over de toekomst hoeven ze zich niet te maken. ‘We hebben nu al 170 lesklanten en hebben overal wachtlijsten voor.’

www.hoevebeukers.nl