Acteurs 'Pauperparadijs' spelen hoofdrol bij aanbieding nominatiedossier

Parijs - Uit elk zaadje kan een nieuwe plant groeien. Maar dan moet het zaad wel terechtkomen in goede aarde. Als het gaat om het nominatiedossier voor de Unesco-status van de Koloniën van Weldadigheid lijkt dat het geval.

Een Vlaams-Nederlands gezelschap ging afgelopen vrijdag in opperbeste stemming huiswaarts, na een uitstekend verlopen presentatie in het Unesco-gebouw in het koude maar toch zonnige Parijs. Zoals Wim Brus, de wethouder van Steenwijkerland zei: ‘Dit is een once in a lifetime’ ervaring. Dit maak je nooit meer mee.’

Het grote wachten begint vanaf deze week. Vermoedelijk wordt pas in juni 2018, als de Maatschappij van Weldadigheid heel symbolisch 200 jaar bestaat, duidelijk of alle energie zich uitbetaald en een fel begeerde werelderfgoed-status. Gedeputeerde Cees Bijl wil niet stilzitten tot de zomer van 2018.

Koloniehof

Het nieuwe museum Koloniehof in Frederiksoord moet er komen, evenals dit jaar bezoekerscentra op de plek van de bedelaarskolonie Ommerschans en in Merksplas-kolonie. ‘Er gebeurt echt heel veel.’ Het is ook voor deze nieuwe provinciale dossierhouder even wennen aan het idee dat Frederiksoord, Willemsoord en Veenhuizen ineens wereldberoemd kunnen worden dankzij Johannes van den Bosch, de man die vanaf 1818 geheel in de moderne geest van de Verlichting zet hij zich in voor de radicale omvorming van paupers tot boeren. Hij was de bedenker van crowdfunding, zoals de Maatschappij dat nu ook gebruikt om de bouw van moderne koloniehuisjes te realiseren. Zodra er 1700 gulden in kas was, kon een arm gezin naar een nieuwe landbouwkolonie.

Uniek sociaal experiment

Het verhaal van de zeven koloniën is deels in Noord-Nederland wel bekend, maar de rest van Nederland, laat staan het buitenland, moeten nog overtuigd worden van de universele waarde van de nalatenschap van Van den Bosch, dat ook bestaat uit heel veel gebouwen en een landschap vol lanen. Je kunt de landloperskoloniën beschouwen als een soort binnenlandse kolonisatie, legt historicus Eric Vanhaute van de Universiteit Gent tijdens de reis voor de Belgische radio uit. ‘De landloperskoloniën waren een uniek sociaal experiment. Ze stonden aan de wieg van het moderne denken over armoedezorg en het geloof in de maakbaarheid van de samenleving.’

Het is desondanks wat makkelijker om de grachten van Amsterdam of de Waddenzee in Parijs op de kaart te zetten, dan het laten zien aan internationale experts wat er door kolonisten is gedaan met 80 km2 woeste grond. Dat staat allemaal in het lijvige nominatiedossier, dat samen met de Vlamingen namens hun Wortel- en Merksplaskolonie is aangelegd. Daarvoor hebben ambtenaren op het Drentse provinciehuis de afgelopen vijf jaar een enorme inspanning geleverd.

Neem bijvoorbeeld Wendy Schutte. Ze is verantwoordelijk voor alle teksten. ‘Hierin staat de geschiedenis van de zeven koloniën van weldadigheid over tweehonderd jaar. Dit is de bewijslast waarmee Nederland en België aantonen dat dit uniek is.’ Maar het is wel spannend. Zou het afgeven in Parijs van haar enorme stapel papier - vergezeld van wat obligate toespraakjes - wel genoeg indruk maken?

Troefkaart

Uiteraard was de invasie uit twee landen, vier provincies en acht gemeenten voor de Unesco-medewerkers al wat anders dan een dossier ontvangen via de mail. De acteurs van het muziektheatergezelschap ‘Het Pauperparadijs’ waren de echte troefkaart. Ineens begon een breed lachende directeur Mechtild Rössler van het Unesco World Heritage Centre in het Unesco-onwaardige kelderzaaltje foto’s te maken. Ze mocht bij de aanbieding geen mening geven, ze is neutraal, maar toonde zich toch geraakt door de met overtuiging gebrachte presentatie.

Rössler: ‘I‘m very moved by the commitment, I hope the best for you.’ Ze geeft het dossier door aan een comité dat nog komt kijken om een oordeel te vellen. Het fotograferen van de acteurs door Rössler was een ander teken van oprechte belangstelling voor de ‘Colonies of Benevolence’.  (Ze was tegelijktijdig ook heel druk met het formuleren van een verklaring over de verdere vernietiging die dag van Romeinse gebouwen in Palmyra.)

Tevreden

De acteurs Lavalu, Dragan en Margreet brachten haar de boodschap, zelfs al was het in het Nederlands, perfect over. Dat de drie in dit uitpuilende zaaltje tot zo’n acteerprestatie in staat werd even later tijdens een bezoek aan de zeer fraaie Nederlandse ambassade luid bejubeld. Delegatieleider Bijl toont zich tijdens de lunch bij de ambassadeur zeer tevreden: ‘Ik denk dat men het hier bij de Unesco heel bijzonder vond, soms zegt één beeld meer dan duizend woorden’. Wethouder Jack Jongebloed van Weststellingwerf: ‘Plechtig en gevoelig, ik heb het idee dat het indruk heeft gemaakt.’

De betrokkenheid van acteur Dragan Bakema - en zijn inlevingsvermogen - is niet gespeeld. De acteur leefde op verzoek van de EO in december drie weken als zwerver. Hij deed mee aan het sociale experiment Homeless experience. Als een verslaggever van Radio 1 serieus probeert Maatschappij-oprichter Johannes van den Bosch voor de microfoon te krijgen, wordt het probleem dat de man al 172 jaar dood is vakkundig door Bakema opgelost. Hij heeft ontdekt dat de familie Bakema 273 leden telt, die van een kolonist afstammen. ‘Het is heel belangrijk dat we dit doen om de Unesco-status te krijgen, het verbaast me dat het niet eerder gebeurd is. Het is ook heel raar dat ik vanuit mijn woonplaats Oosterwolde nooit het verhaal over Veenhuizen heb leren kennen. Het verhaal moet verteld worden.’

Suzanne Janssen deed dat in een baanbrekend boek en Bakema en zijn collega’s gaan dat de komende zomer ook weer doen. Als alle vergunningen deze maand rondkomen, mogen er vanaf 14 juni nog eens 52 shows plaatsvinden van de hooggewaardeerde theatervoorstelling ‘Het Pauperparadijs’ in Veenhuizen. Ook het Vlaams-Nederlands-reisgezelschap gaat een voorstelling bijwonen, zo werd op de terugreis vlak voor Antwerpen nog even besloten.

Investeringen

Hans van der Laan, de oud-burgemeester van Noordenveld (en Dwingeloo) heeft met zijn Unesco-idee voor Veenhuizen heel wat in werking gezet. Ere wie ere toekomt. Hij was er vrijdag zelf niet bij, maar speelde toch weer een rol toen het NOS Journaal ineens min of meer Veenhuizen ontdekte en er een achtergebleven woordvoerder nodig was. (Ze zoeken hem heel illustratief voor het gebrek aan landelijke kennis over de koloniën eerst bij Stadskanaal en in de reportage gaat het over een status voor de veenkoloniën.)

In Veenhuizen is al veel geïnvesteerd in restauratie en herbestemming van gebouwen. Maar het effect beperkt zich niet tot Nederland. Met financiële steun van de Vlaamse overheid en de provincie Antwerpen zijn Kempens landschap en de gemeente Merksplas bezig met een grootschalige restauratie van een gebouwencomplex van de Maatschappij van Weldadigheid in Merksplas-kolonie. In Frederiksoord en Wilhelminaoord worden koloniehuisjes teruggebouwd.

De Unesco moest even aan het idee wennen, maar liet zich door de Rijksdienst overtuigen dat het geen na-apen van vroeger is. Dat vindt men in Parijs namelijk niet leuk. Het bouwen van nieuwe huizen geinspeerd door vroeger in een levend landschap - met ook in de toekomst ruimte voor wensen van inwoners en ondernemers - kan alsnog op goedkeuring rekenen. En als het aan directeur Jan Mensink van de Maatschappij ligt komen ze ook langs de West en Oostvierdeparten bij Noordwolde ook huisjes terug. Hij lijkt aan de reis naar Parijs een bondgenoot te hebben overgehouden aan Weststellingwerfs wethouder Jack Jongebloed, die er voor open staat.

Uitdaging

Aan de ook al zo positieve wethouder Wim Brus van Steenwijkerland de uitdaging om Willemsoord als voormalig kolonie zijn glas terug te geven. Dat is nog wel een uitdaging. Maar ook hij wil de Unesco-status. ‘Het zou een geweldige impuls voor de economie, het toerisme en de recreatie in Steenwijkerland zijn. Dan hebben we een nationaal park, een stad van kastelen, Giethoorn én werelderfgoed.’

Brus maakte een bruisende indruk en was lyrisch over het optreden van de acteurs. De status van werelderfgoed werkt als een magneet en levert heel veel cultuur-toeristische impulsen op voor de lokale economie, zo is de verwachting. Delegatieleider gedeputeerde Cees Bijl deed gelijktijdig tegenover de meegereisde media zijn best om vooral angst voor bedreigingen de kop in te drukken. Zo vrezen boeren dat de status procedureproblemen oplevert bij het bouwen van een nieuwe stal. ‘Het moet een levend gebied zijn, je moet gewoon de dingen kunnen doen die je nu ook doet.’ De regels worden er volgens hem echt niet anders door. Je krijgt volgens de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed wel voorrang bij de verdeling van subsidies voor rijksmonumenten.

Gezamenlijke missie

De kracht van de voordracht schuilt volgens Bijl vooral in het gezamenlijk optrekken van zoveel overheden. Hij kon het deze twee dagen zichtbaar goed vinden met zijn Antwerpse-collega Inga Verhaert, die samen met Bijl het - volgens haar - ijzersterke dossier overhandigde. De steun van de niet aanwezige minister Jet Bussemaker is ook essentieel. Desondanks wordt maar 70 procent van de voordrachten bij de Unesco gehonoreerd. ‘In deze fase van de procedure maken we al vijftig procent kans op erkenning’, zegt de Merksplasse burgemeester Frank Wilrycx. Lieven van Gils, ambassadeur van de Koloniën van Merksplas en Wortel, is ook van de partij.

De Mechelse omroep RTV sprak dan ook over ‘een Kempense hoogdag’. Dat er nu een plan komt uit twee landen helpt ook een beetje. Dat internationale aspect spreekt volgens de Rijksdienst tot de Unesco-verbeelding. Maar werelderfgoed of niet, de provincies en gemeenten willen het erfgoed sowieso in stand houden voor toekomstige generaties. Een groep mensen met die gezamenlijke missie heeft elkaar tijdens de tweedaagse reis nog beter leren kennen: hetzelfde beeld, dezelfde opgave. Jack Jongebloed: ‘Zelfs zonder de status is er al veel winst behaald.’

Trots

De verder gegroeide trots van bestuurders moet nu ook overslaan op de bewoners van het gebied, waar het wonen honderd jaar lang vooral leidde tot schaamtegevoelens. Wie wilde nu geassocieerd worden met landlopers? De donkere kant van onvrije landbouwkoloniën heeft sporen nagelaten in familiegeschiedenissen, maar het blijft een unieke idealistische inspanning met actuele thema’s als armoede, zorg en onderwijs. Minister Jet Bussemaker zei eerder. ‘De koloniën zijn een mooi voorbeeld van de verheffing van het volk. Ze maken een bijzondere episode uit de geschiedenis zichtbaar.’

Historicus Vanhaute: ‘Dit gaat over een sociaalhistorisch experiment dat zijn voetafdruk nalaat in het landschap. Unesco-werelderfgoed moet uniek en authentiek zijn, en dat zijn de koloniën ook. Het is echt wel een experiment dat op mondiale schaal uniek is.’