Kringloopwinkel Steenwijk vervult prominente rol in VPRO serie

Steenwijk/Tuk - VPRO-regisseur Frank Wiering kwam eigenlijk nooit in een kringloopwinkel totdat zijn vrouw hem ruim een jaar geleden aanspoorde om eens mee te gaan naar de vestiging in Tuk.

‘Ik dacht eerst, wat heb ik eigenlijk te zoeken in zo’n stoffige Swiebertjeswinkel’, zegt Wiering, terwijl hij zich laaft aan de koffie in het restaurant van de Kringloopwinkel op bedrijventerrein Novac. Het bezoek aan de winkel werd voor Wiering, die al meerdere spraakmakende documentaires en televisieprogramma’s op zijn naam heeft staan, een eye-opener. Hij sprak er met de mensen en merkte wat het voor hen betekende om bij de kringloop te kunnen werken, en kwam er tegelijkertijd achter dat het al lang geen ‘oude meuk’ meer is wat in de kringloopwinkel wordt aangeboden. De meer dan 20.000 mensen die in de kringloop werken bestaan uit vrijwilligers, asielzoekers, ex-gedetineerden, mensen die werken met behoud van uitkering en betaalde krachten. Wierings ervaringen hebben aan de wieg gestaan van de nieuwe vijfdelige serie ‘Het succes van de kringloopwinkel, een hartverwarmende serie van de VPRO’, vanaf 25 tot en met 29 december, vijf avonden lang. De opnamen zijn gemaakt in de kringloopwinkels van Naarden, Zeist en Tuk, waarbij de laatste een prominente rol vervult in de serie.

‘Rugzakje’

Wiering volgt hierin de verhalen van gewone en bijzondere mensen door heel het land. De vrijwilligers hebben vaak een ‘rugzakje’ zoals dat in de winkels wordt genoemd. Iedereen weet van het rugzakje van de ander. ‘Het gaat mij in de serie niet zozeer om het zakelijke succes van de kringloopwinkels, maar het sociale succes speelt een belangrijke rol. Het gaat meer om de mensen dan om de spullen’, stelt Wiering vast. De winst van het sociale aspect bracht de programmamaker er toe om de kringloopwinkel aan te merken als het ‘nieuwe Nederlandse dorpsplein’.
‘Iedereen is open over zijn achtergrond, niemand hoeft zich te verschuilen, mensen tillen hier elkaar omhoog’, zegt Wiering. ‘Neem nu Gerda, een oud HBO-docent, die in een depressie is beland, maar zich er hier helemaal boven uitwerkt. Ze was eerst heel bang toen ze hier binnenkwam, ze durfde amper achter de kledingrekken vandaan te komen, maar op een gegeven moment ging ze etaleren, opstellingen maken met modepoppen. Het ging steeds beter met haar en ze werd weer zichzelf. Of neem die Marokkaanse man in Naarden, afgekeurd als taxichauffeur, die zich specialiseerde in kunst en antiek en daar in de kringloop een vroege Mondriaan tussen de spullen ontdekte. Samen met taxateur Rob Mulders van het bekende veilinghuis Sotheby’s spoorde hij ook nog een mapje met kleine landkaartjes uit 1578 op. Zelf heb ik hier in Steenwijk trouwens een werk gevonden van de kunstschilder Jan Sluijters, dat is door Sotheby nog bevestigd. En dan die Syrische vluchteling, die anderhalf jaar in de kringloop heeft gewerkt om de Nederlandse cultuur en taal te leren. Hij gebruikte de kringloop om omhoog te komen. Inmiddels is hij manager bij een groot modeconcern. Die mensen heb ik allemaal gevolgd in de serie”.

Supertrots

Ineke de Jong, bedrijfsleider van de kringloopwinkel in Tuk, kan alleen maar beamen dat voor de VPRO-programmamaker een wereld is opengegaan. “Ik ben ook supertrots op onze mensen. Wij kunnen ze weer een doel in het leven bieden. Wij vinden dat dit ook moet, je kunt hier weer zijn wie je bent. De kringloop is een familie en over het algemeen kun je daar terecht. Er is saamhorigheidsgevoel, de documentaire straalt die warmte uit”.
Steenwijk is volgens Wiering de belangrijkste locatie in de serie. ‘Hier is de aandacht vooral gericht op de mensen die er werken. Naarden gaat meer over de spullen. Daar zie je dat de klanten uit alle lagen van de bevolking komen. Daar staan zelfs de Range Rovers en Mazerati’s voor de deur. In Zeist is het meer de onderkant van de samenleving die wordt belicht’. In Steenwijk heeft Wiering ook een modeshow gefilmd. ‘Ze hebben hier heel speciale kleding hoor’, weet de programmamaker die voor de vestiging van Tuk zo’n 45 draaidagen nodig had.
‘Het is zo belangrijk dat de mensen die hier werken mogen zijn wie ze zijn’, zegt bedrijfsleider De Jong, daarin ondersteund door medewerker Jolanda Vermaire, die inmiddels ook is aangeschoven. ‘Veel mensen krijgen het gevoel dat zij er weer toe doen en waar kan dat nog? De geraniums thuis vertellen in ieder geval niets terug’. De kringloopwinkel in Tuk werkt nauw samen met de sociale dienst. ‘Dat doen wij al van oudsher’, stelt De Jong. Zij wil nog wel kwijt dat bij de kringloop niet alleen maar mensen werken met rugzakje. ‘Er zijn er ook die op basis van vrijwilligheid actief zijn .
Volgens De Jong komen de klanten uit alle lagen van de bevolking. ‘Van niet geschoold tot universiteit en van niet Nederlands sprekend tot welbespraakte mensen. Jarenlang was het beeld van de kringloopwinkel waar slechts de minima van gebruik maakten, maar van oude meuk is geen sprake meer hoor, het is allemaal mooi spul wat hier wordt aangeboden’.

Roel Kleine