Rietsnijders zitten met brandperiode in hun maag

Sint Jansklooster/Ossenzijl – Tot vorig jaar mochten riettelers het sluik van het riet tot 1 mei verbranden, maar de nieuwe stookontheffing van de gemeente schrijft voor dat rietafval tot 15 april verbrand mag worden.

En juist die laatste twee weken zijn volgens de riettelers cruciaal om de bulten afval op te ruimen. ‘Ik vrees dat sommigen burgerlijk ongehoorzaam moeten zijn om de terreinen op te ruimen.’

Kenmerkend voor de Weerribben-Wieden: rookpluimen die boven de rietlanden opstijgen. Hoewel de rookpluimen tussen de drogende rietschoven horen bij de romantiek van het ambacht, staat het verbranden van rietafval steeds meer onder druk. Partijen willen er langzaam maar zeker van af, de gemeente heeft de ontheffing voor het verbranden van rietafval met twee weken ingekort tot 15 april. Riettelers vrezen dat daardoor of rietafval overblijft in het gebied of dat riettelers de geldende regels aan de laars moeten lappen om het gebied schoon te krijgen.

Weersafhankelijk

Riettelers zijn verbaasd en zien hun deadline met twee weken ingekort. ‘En dat is het hem nu juist: riet snijden is weersafhankelijk. Je hebt het niet altijd in de hand. Als je zoals woensdag een plens water op de kop krijgt, dan kun je het riet niet verbranden. Dan moet je wachten tot het droog is’, vertelt Wout van de Belt, voorzitter van het rietcollectief. Zelf afvoeren van het riet gaat niet of nauwelijks. Veel rietlanden zijn omringd door water, waardoor het een zeer arbeidsintensieve en bovendien kostbare zaak wordt om de bulten sluik op te halen.

1 mei

Natuurmonumenten haalt rietafval wel op, maar dat geldt alleen voor zomers maaiafval. In de winter is het toegestaan om onder strikte voorwaarden, vastgelegd in de gedragscode Natuurbeheer en de gemeentelijke stookontheffingen, rietafval te verbranden. Volgens Van de Belt hebben rietsnijders ieder moment nodig om het riet te maaien, te ontdoen van de ruigte, te binden in schoven en het rietafval te verbranden. Vooral voor de riettelers met veel percelen is tijd de grootste vijand. ‘Daarom snap ik niet dat we niet tot 1 mei, het begin van het broedseizoen, mogen branden.’

Zomer

Bij diverse riettelers bekruipt het gevoel dat de zomerse rietverbrandingen bij Ossenzijl van afgelopen zomer de oorzaak zijn van de aangescherpte ontheffing. In het achterland gingen in augustus bulten hooi in vlammen op, waardoor inwoners, maar ook campinggasten van De Kluft in een dik deken van rook zaten. ‘Maar dat was helemaal niet het werk van rietsnijders. Dat was het werk van natuurbeheerders. Ik heb het idee dat we worden afgerekend om iemand die zo asociaal is om te stoken in een periode dat iedereen buiten is’, zegt Van de Belt. Een grimas: ‘Het gaat misschien slecht met het riet, maar we steken het nog niet in de fik’.

Brandperiode verlengen

In uitzonderlijke gevallen is het voor riettelers met meer dan 20 hectare grond mogelijk een verzoek in de dienen bij de gemeente om de brandperiode te verlengen tot 1 mei. Willem Limburg, voorzitter van de coöperatie de Weerribben, ziet hetzelfde probleem in de Weerribben. En dat niet alleen, in de Weerribben was het tot voor kort toegestaan om ook maaiafval in de zomer te verbranden. ‘Dat gaat denk ik wel een probleem worden. Natuurmonumenten haalt zomers maaiafval voor het grootste gedeelte op, maar Staatsbosbeheer niet. Dat heeft te maken met logistiek. Alles zal over water afgevoerd moeten worden en dat gaat niet’, zegt Limburg.