Door de ogen van... André Lampe
Door André Lampe

Pablo

Vandaag de dag ken ik Steenwijk tot in alle hoeken en gaten. Geen plekje is mij eigenlijk onbekend. Vroeger was dat heel anders.

Tijdens de lagere schooljaren kwam ik mijn toenmalige woonwijk De Gagels nauwelijks uit. Je ging naar school - in mijn geval de Johan Frisoschool - en de rest van de dag voetballen en ravotten in de buurt. De Gagels bood ons veel, zo niet alles. Een gezellige volksbuurt was het vroeger. Leeftijdsgenoten uit andere wijken zag je eigenlijk alleen op de kermis, in het zwembad en de spaarzame keren dat je de stad in ging.

En natuurlijk op het voetbalveld. Daar werd gestreden om de eer. De wedstrijden die mij het meest bijgebleven zijn waren die tegen Steenwijker Boys. Dat toentertijd nog een bloeiende jeugdafdeling had. De Steenwijker Boys waarvan de meeste jongens uit de destijds enigzins beruchte woonwijk Het Dal kwamen voetbalden zoals de mentaliteit en het leven in hun buurt was: ongepolijst, recht voor de raap, en soms niets ontziend, maar ook ‘één voor allen, allen voor één’. Toch heb ik mooie herinneringen aan deze onderlinge ontmoetingen.

Rennen voor ons leven

We wonnen ook altijd van de Boys staat me zo bij en dat zette bij tijd en wijle wel eens kwaad bloed bij de jongens uit het (tranen)dal. De Boys gingen vaak tot en soms over de rand van het toelaatbare. Maar zo leerden ze ons wel dat voetballen ook weerstand bieden en incasseren was. Het kwam ook wel eens voor dat we na een wedstrijd moesten rennen voor ons leven, alhoewel bleef dat lot mij gelukkig bespaard.

Aanzien

Ik had een soort van beschermengel. Vanaf de eerste keer dat we elkaar als tegenstander troffen in een wedstrijd was er een soort van klik. We konden het direct goed met elkaar vinden. Willem (Pablo) Spijkerman sprak altijd zijn veto uit als één van zijn teamgenoten het op mij gemunt had. ‘Laat die jongen met rust’ was genoeg om de gemoederen te bedaren. Willem had aanzien binnen het team van de geel-zwarten.

Hartelijk

Hij was ook de beste speler van dat toenmalige Boys-elftal. Door de jaren heen ben ik dat nooit vergeten. Willem heeft mij toentertijd voor onheil behoed. En als ik hem hedendaags ergens tegen het lijf loop zijn onze ontmoetingen nog steeds hartelijk, spontaan en geladen met wederzijds respect. Het zit Willem lichamelijk niet zo mee de laatste jaren. Naar eigen zeggen is hij al eens bij de dood weggehaald en daar schrok ik van. Ook het afgelopen jaar heeft Willem lichamelijk weer zwaar in de lappenmand gezeten en ik hoop maar dat hij daar goed van mag herstellen.

Willem heeft nu eigenlijk zelf een guardian angel nodig die hem beschermt tegen nog meer fysieke ellende. Alhoewel, ik weet dat hij zijn lot in de handen van God heeft toevertrouwd. Ik wens hem in ieder geval een gelukkig maar bovenal gezond 2019 toe. Hou je taai... Willem (Pablo) Spijkerman.