Schaatsers warmen zich bij een koek en zopie.

Gemeenschapszin houdt ijsclubs overeind

Schaatsers warmen zich bij een koek en zopie. Archieffoto Wilbert Bijzitter

Meppel/Steenwijk - Al tijden lang kan er niet geschaatst worden op natuurijs. Wat is de impact hiervan voor de ijs- en schaatsclubs? Hebben zij nog leden en vrijwilligers? Houden ze financieel het hoofd boven water? De Meppeler- en de Steenwijker Courant maken een rondje langs de ijsbanen. 

De winter van 2020/2021 gaat waarschijnlijk de boeken in als een van de zachtste winters. Halverwege januari wil het nog niet écht winteren. De gemiddelde temperatuur in De Bilt kwam op de helft van de meteorologische winter uit op 4,6 graden en dat is 0,5 graden boven normaal.

Afgelopen weekend roerde Koning Winter zich even.  Het vroor matig en het sneeuwde licht. Inmiddels lijkt de winter alweer over zijn hoogtepunt heen. Deze week kwamen de temperatuur met 9 tot 11 graden ruim boven normaal uit. ’s Nachts daalde het kwik naar 7 tot 8 graden, maar liefst 12 graden warmer dan vorige week.

Ook de winter van vorig jaar was zacht. In de top 10 van warmste winters staat hij op de derde plaats, na de winters van 2007 en 2016. De winters van 2019 en 2014 staan ook in de top 10.

Natuurijs

De laatste Elfstedentocht werd gehouden op 4 januari 1997. Nog nooit bleef de Tocht der Tochten zo lang uit. Vorig jaar zag het er naar uit dat het Nederlands kampioenschap marathonschaatsen op natuurijs verreden kon worden. De laatste keer dat dit gebeurde was in 2013. Maar het bleef op 21 januari 2019 bij een marathon in Haaksbergen, waar schaatser Simon Schouten voor de derde keer op rij de winnaar werd van de eerste marathon van het seizoen.

Recreanten konden voor het laatst een tochtje maken in maart 2018. Van heinde en verre kwamen de schaatsfanaten naar de Kop van Overijssel. „Het is officieel niet vertrouwd, maar het is de eigen verantwoordelijkheid van de mensen”, zei Jan Petter van de ijsclub in Dwarsgracht die een kijkje kwam nemen. En inderdaad was het ijs niet overal even goed begaanbaar en betrouwbaar. 

In 2017 gingen de deuren open op 11 februari, in 2018 was dat vier dagen eerder: het natuurijs van de ijsbaan op evenemententerrein De Tippe in Staphorst  was op 7 februari van dat jaar dik genoeg om baantjes te trekken. Een jaar later waren de vrijwilligers van de ijsvereniging opnieuw druk in de weer met het maken van een ijsbaan op de Tippe. Op vrijdag 25 januari 2019 stonden de eerste schaatsers op het ijs. Acht uur later kwam de eerste regen uit de lucht en dat betekende het einde van de schaatspret.

Schaatsclubs

En zo verging het veel schaatsclubs de laatste jaren. Vrijwilligers deden er alles aan om een mooie ijsvloer neer te leggen maar het weer zat niet mee. De clubs geven de moed echter niet snel op.

Voorzitter Klaas Vaartjes van IJsclub Belt-Schutsloot ziet langzaam de bodem van de clubkas in zicht komen. „We hebben enkele jaren geleden een nieuw clubgebouw neergezet. Dat kost natuurlijk geld en ook de vaste lasten gaan elk jaar door. Bovendien hebben we geen leden of donateurs. Alles wordt uit het organiseren van toerritten bekostigd”, legt Vaartjes uit. „Het schaatsen kunnen we dit jaar wel vergeten”, denkt de voorzitter. „Stel dat het wel kan, dan loopt de Kop van Overijssel helemaal vol. De mensen blijven echt niet thuiszitten, die zijn niet te houden. Dus dan gaat de Kop op slot.” Vaartjes hoopt wel op een goede winter. Dan kan het negenkoppige bestuur weer een beroep doen op zo’n veertig vrijwilligers en komt er weer wat geld in het laatje. 

IJsclub Giethoorn bestaat al ongeveer 125 jaar en beschikt over een gebouw aan de Kerkweg 17b. Financieel is de club gezond, er zit meer dan 5000 euro in kas, maar dat mag ook wel. Jaarlijks heeft de club gemiddeld 3000 euro aan uitgaven aan met name de vaste lasten zoals elektra, gas en onroerendzaakbelasting. De club organiseerde in 2013 voor het laatst de Dorpentocht voor 5000 deelnemers en de Holland Venetiëtocht voor ongeveer 8000 mensen. In ijsloze winters organiseert de vereniging voor de leerlingen van de basisscholen in Giethoorn het schaatsen in Thialf in Heerenveen.

De IJsvereniging in Ruinerwold bestond in 2019 honderd jaar. De club heeft zo’n 580 leden en beschikt over een gebouw aan Dijkhuizen 70 in Ruinerwold. De schaatsers kunnen in de winter terecht op een 400 meterbaan die is verlicht. „In het verleden zijn er ook langere periodes geweest zonder strenge winters”, zegt secretaris Klooster, die positief blijft. „We hebben vertrouwen dat de club nog steeds levensvatbaar is en strenge winters er ooit weer zullen komen.”

Springlevend

IJsbaanvereniging De Rieg in Hollandscheveld telt plusminus 600 leden en is nog springlevend. Er zijn vrijwilligers en bestuursleden voldoende. De club heeft een zo goed als nieuw gebouw met een zitgedeelte om lekker op te warmen of de schaatsen onder te binden. Het clubhuis is in 2016 gebouwd aan het Zuideropgaande 158 en heeft een keuken, een entree gedeelte en een toilet. Volgens het bestuur is de financiele positie voldoende. „Na 2016 was de kas leeg omdat wij opnieuw moesten investeren door de verhuizing. Gelukkig hebben wij een paar seizoenen kunnen draaien. We hebben genoeg in kas om een jaar te overbruggen en kunnen dan voldoen aan de vaste lasten. Mocht er onverhoopt een vervangende veegmachine moeten komen dan lukt ons dat ook.” En wat merkt de vereniging van de klimaatverandering? „De winter komt later en is milder, maar dit hebben wij niet in de hand. Moeder Natuur bepaalt”, aldus het bestuur. 

„We hebben hoop dat we deze winter nog een paar dagen open kunnen met de baan. Zo is februari een echte wintermaand en een paar jaar geleden zijn we begin maart nog open geweest”, zegt Harry Timmerman. Hij is voorzitter van de Steenwijker IJsclub . De club telt om en nabij 950 leden. „Die betalen iets van 12 euro per jaar. Niet duur, maar het zou mooi zijn als ze daar een keer iets voor terug krijgen.”

Een clubhuis of eigen ijsbaan, dat heeft IJsclub Concordia in Zwartsluis niet. „Als er ijs is dan maken wij een baan op de vijver aan de Weteringallee en Arembergergracht”, meldt Enno de Haan. „De vijver is meestal als eerste te berijden en heeft een verlichtingsmast.” Tijdens geschikte winters organiseert de vereniging samen met stichting Jong Zwartewaterland ouderwetse schaatswedstrijden op de Arembergergracht. „Indien er geen natuurijs is geweest in een seizoen, organiseren wij voor de leden een schaatsavond op één van de dichtbij zijnde ijsbanen”, staat er op de website te lezen.

Iedereen wil helpen

Het gaat ook het best goed met de IJs- en Skeelerclub Nijeveen . „Nijeveen is een stabiele gemeenschap”, zegt Adrie Masteling namens de vereniging. „Als er geschaatst kan worden neemt het aantal leden met 20 à 25 procent toe. In de jaren dat er geen ijs is, neemt het ledenaantal elk jaar iets af.” Momenteel zijn er zo’n 500 families en 100 individuen lid. „Omdat we ook een skeelerclub zijn hebben we dit jaar meer last gehad van de beperkingen door de coronamaatregelen dan van gebrek aan ijs.” Masteling vraagt zich af wat er mogelijk is als er wél een ijsvloer ligt. „Kunnen we dan met 300 mensen de baan op? Het is een beperkte oppervlakte en wat mag er dan volgens de coronaregels?” Maar áls er geschaatst kan en mag worden dan heeft de club aan vrijwilligers geen gebrek: iedereen wil dan wel helpen achter de kassa of de baan vegen. „Die gemeenschapszin, dát is het mooie van het dorp.”