Het pand waar de IGSD zetelt.

Wethouder Bert Dedden krijgt motie van wantrouwen van VVD, PvdA en ChristenUnie

Het pand waar de IGSD zetelt. Eigen foto

Steenwijk – De fracties van de VVD, PvdA en ChristenUnie in Steenwijkerland hebben geen vertrouwen meer in wethouder Bert Dedden als het gaat om het dossier IGSD.

Daarom komen zij dinsdagavond met een motie van wantrouwen. ‘Deze wethouder heeft het vertrouwen van de raad meermalen geschaad.

‘De gemeenteraad heeft in 2015 het voordeel van de twijfel gegeven aan de haalbaarheid en realiteitszin van het Plan van Aanpak Vertrouwen ondernemen en verbinden. Voor de uitvoering daarvan heeft de raad schoorvoetend 8 ton extra beschikbaar gesteld’, zei Trijn Jongman.

‘Gelden die (voor het overgrote deel) zijn besteed aan een tijdelijke uitbreiding van formatie door 16 tijdelijke contracten aan te gaan. De voorgestelde doelen zijn niet gehaald’.

Onjuiste informatie

 Zogeheten benchmarkcijfers op grond waarvan de gemeenteraad een goede indruk kan krijgen omtrent de noodzaak van (tijdelijke) uitbreiding van de formatie zijn niet verstrekt. ‘Nu blijkt dat die cijfers er ook niet komen. De wethouder heeft de gemeenteraad (willens en wetens) onjuist geïnformeerd’.

In de ontwerp meerjarenbegroting van de IGSD is structureel 8 ton opgenomen voor formatie-uitbreiding bij de IGSD. Daarvoor is geen afdoende onderbouwing gegeven.

Zienswijze

Een door de CU voorbereide zienswijze haalde het tijdens de vorige raadsvergadering wegens het ontbreken van twee leden van de fractie van de VVD niet. ‘Maar deze gaf wel het gevoelen van de meerderheid van de gemeenteraad weer’.

Bert Dedden koerst kennelijk bewust  op confrontatie met de raad en trekt nu voor de zoveelste keer zijn eigen plan, stellen de indieners van de motie van wantrouwen. ‘Hij wenst niet te handelen met in achtneming van de gevoelens van de raad; hij heeft voor de vaststelling van de IGSD-begroting 2018-2021 gestemd en daarmee de mening van de gemeenteraad van Steenwijkerland genegeerd.

'Minachting van de raad'

Dat is van minachting van de raad, waardoor moet worden vastgesteld dat hij het vertrouwen van de raad (herhaaldelijk) heeft geschaad; en dit past niet in de door dit college gepropageerde open en transparantie bestuursstijl’.