Schaatsster Elma de Vries uit Meppel in actie op de 5000 meter voor vrouwen, tijdens de Olympische Spelen van 2010 in het Canadese Vancouver.

Toppers van Toen: oud-Meppelse Elma de Vries denkt ook in Schotland nog vaak aan schaatsen en inline-skaten

Schaatsster Elma de Vries uit Meppel in actie op de 5000 meter voor vrouwen, tijdens de Olympische Spelen van 2010 in het Canadese Vancouver. ANP

Meppel - In deze ‘sportluwe’ periode staan we wekelijks stil bij de ‘Toppers van Toen’. Het gaat daarbij om succesvolle, aansprekende en bekende sporters uit de regio Zuidwest-Drenthe en Noordwest-Overijssel. Hoe kijken ze terug op hun actieve sportcarrière? Vandaag deel 10: schaatsster en inline-skatester Elma de Vries (37).

Samen met je vriendin Imke Vormeer woon je sinds eind 2019 in het Schotse Banchory, een plaatsje in de buurt van Aberdeen. Wat doe je tegenwoordig en hoe gaat het nu in Schotland?

„Ik ben helikopterpiloot en breng medewerkers van boorplatforms heen en weer. Dat doe ik in shifts . Ik werk twee weken, en deze week ben ik vrij. Elke keer als ik moet vliegen, wordt mijn temperatuur gemeten en gaat het mondkapje op. Ik voer nog steeds hetzelfde aantal vluchten uit, maar ik vervoer iets minder mensen. De medewerkers worden iedere keer getest en verblijven op zo’n platform in aparte slaapkamers. Eerst sliepen ze nog bij elkaar. De eerste drie maanden moesten we tot juni in lockdown en waren alleen de supermarkten open. Dat is nu ook zo. We mogen alleen reizen binnen de provinciegrenzen en gaan veel naar buiten. Het is een prachtige omgeving en het is hier heerlijk rustig.”

 

Twee ex-topsporters in ruste, nadat jij in maart 2018 stopte met schaatsen en juni 2018 met skeeleren. Imke beëindigde begin vorig jaar haar loopbaan. Hoe sportief zijn jullie nog?

„Je hebt hier geen fietspaden en het is erg heuvelachtig. Dus we mountainbiken of wandelen regelmatig. De omgeving is niet echt geschikt om te skeeleren en Schotland kent ook geen schaatscultuur. Wel is hier een soort van sportcentrumpje dichtbij, met een vijver. Daar kun je in de winter rolskiën of langlaufen, al heb ik dat tot nu toe nog niet gezien. Imke is fysiotherapeut, maar moet wachten op goedkeuring wanneer ze daarmee kan beginnen. Nu is ze activiteitenbegeleidster in een bejaardentehuis en doet ze spelletjes met de bewoners. We hebben het er weleens over: of we ergens een parcours kunnen vinden om een skeelerbaantje aan te leggen en bijvoorbeeld wat trainingen te geven. Maar vanwege corona ligt alles nu natuurlijk stil.”

 

We kennen je als schaatsster op de lange baan en op de marathon, én als inline-skatester. Hoe wil je eigenlijk zélf gezien worden en moest je weleens echt een keuze maken?

„Het is natuurlijk tijdsafhankelijk, maar ik denk wel dat die combinatie heeft meegespeeld dat ik nooit voor een grote schaatsploeg ben gevraagd. Ik was toch van het allrounden, marathonschaatsen én skeeleren. En dat er gedacht werd van ‘ze wil toch ook heel erg graag skeeleren en dan past ze wat lastig in een ploeg’, al zag ik dat zelf niet zo. Ik weet nog wel dat ik een keer een keuze moest maken toen ik nog jong was. Ik skeelerde op het EK en zou mij daarna met Jong Oranje verder voorbereiden op het winterseizoen. Maar op het EK skeeleren ging het zó goed, dat ik direct daarna meekon naar het WK. Toen moest ik een keuze maken. Ik koos voor het schaatsen, ook omdat ik van tevoren had beloofd om mij daar volledig op te gaan richten. Maar nee, verder heeft het mij niet in de weg gezeten. Misschien voor anderen wel, maar dus niet voor mij.”

 

Je hebt van 1996 tot het einde van je loopbaan veel prijzen gepakt. Zoals de Marathon Cup, in 2007 en 2017. In 2010 werd je Nederlands allroundschaatskampioen. Je won met de Nederlandse damesploeg goud op de aflossingskoers op het WK skeeleren in 2012. Het zijn maar een paar voorbeelden. Maar ik las ook dit: ‘Maar soms zijn de dieptepunten net zo interessant.’ Doel je daarmee op je dramatische val in 2017 op de Weissensee?

„Ook. Ik weet nog dat ik op het NK 2016 als derde reed, achter Carla Zieleman en Mariska Huisman. Er zat niet meer in en ik ging op save rijden. Toen werd ik op de meet nog geklopt en eindigde ik als vierde. Dat overkomt mij dus nooit meer, dacht ik toen. Tijdens de Alternatieve Elfstedentocht op de Weissensee in Oostenrijk in 2017 reed ik lang alleen. Op een gegeven moment kwamen we als groep te rijden. Ik gokte op de sprint, want ik was er zeker van dat ik zou winnen en reed volle bak. Vlak voor de finish viel ik echter voorover en zo werd ik uiteindelijk vierde. Het filmpje daarvan ging letterlijk de hele wereld over. Ik baalde vreselijk, vond het enorm vervelend, maar er was ineens wel heel veel aandacht voor het vrouwenschaatsen. Op televisie duurde de wedstrijd van de mannen zo’n twintig minuten. Van ons werd alleen de sprint uitgezonden terwijl wij dus ook, net als de heren, 200 kilometer reden.”

 

In 2010 was je actief op de Olympische Spelen in Vancouver. Je werd elfde op de 5 kilometer. Hoe tevreden en trots kijk je daarop terug?

„Niet echt. Vooropgesteld: ik hoefde echt niet te winnen om tevreden te zijn met mijn prestatie. Het was dus niet zo dat, als ik niet won, ik het niet goed had gedaan. Misschien dat ik dat aan het begin wel méér had. Dat je móest winnen voor een sponsor of voor jezelf, maar later kon ik ook blij zijn met een overwinning van een teamgenoot. Als ik er zelf maar álles aan had gedaan. In de aanloop naar Vancouver was ik op de 5 kilometer steeds bij de beste vijf geëindigd. Maar sinds het NK in december tot aan die Olympische Spelen hadden we helemaal geen wedstrijden meer. Ik heb dat juist nodig, of zoals mijn coach weleens zei: de spinnenwebben uit je benen blazen. Op een bepaald moment was er in Vancouver een trainingswedstrijd, maar daar mochten alleen reserves aan meedoen. Ik verveelde mij en in het olympisch dorp kon je geen kant op. En de wedstrijd was ook nog helemaal aan het einde geprogrammeerd. Met mijn elfde plaats was ik dan ook niet tevreden. Verder kijk ik wel heel tevreden terug hoor. Ik ben overal geweest, heb aan alle toernooien mogen meedoen en heb bijna alles gewonnen wat er te winnen viel.”

 

In hoeverre ben je nu nog betrokken bij het schaatsen en skeeleren?

„Laatst zag ik een tv-uitzending van het programma  M waarbij een aantal Elfstedentochtschaatsers te gast was. Ik volg het allemaal nog wel hoor en het blijft mooi om te doen, en dan vooral schaatsen op natuurijs. In 2009 deed ik mee aan het EK allround in Heerenveen. Een dag ervoor werd het NK op natuurijs gereden. Natuurlijk heb je keuzes niet altijd zelf in de hand, maar ik dacht toen wel bij mezelf: wat doe ik hier? Daar heb ik nog wel steeds spijt van. Schaatsen op natuurijs is historie schrijven en een kans die je moet pakken als die er ligt. Ik zie natuurijs toch een beetje als een cadeautje.”

 

Erik Riemens