In memoriam Rijkman Groenink (102): Schilder van landschappen en stadsgezichten

Wethouder Trijn Jongman van Steenwijkerland bezocht Rijkman Groenink op 10 december 2018 in Nijenstede om hem te feliciteren met zijn honderdste verjaardag. Foto: Wilbert Bijzitter

Dinsdag is de vorige week woensdag in de leeftijd van 102 jaar overleden Steenwijker schilder Rijkman Groenink naar zijn laatste rustplaats op ‘De Nieuwe Landen’ gebracht. Daaraan ging een afscheidsdienst vooraf in gebouw Beth-El van de Vrije Zendingsgemeente in Steenwijk.

Rijkman Groenink stierf in woonzorgcentrum Nijenstede na een rijk en creatief leven, waarin hij tal van fraaie schilderijen heeft gemaakt. Onder meer van stadsgezichten en diverse landschappen in Steenwijk en wijde omgeving. Maar bijvoorbeeld ook van door hem geliefde plekjes op het Waddeneiland Ameland, waar hij regelmatig verbleef. Treffend waren de scheppingen van ‘zijn’ Looijersgracht, waar hij een groot deel van zijn leven heeft gewoond en in het ‘Gaankien’ zijn atelier koesterde.

Met zijn in 2008 overleden echtgenote Roelie woonde Groenink daarvoor in de Onnastraat, Kallenkote en Zuidveen. In 2003 was aan zijn werk een expositie gewijd in wat toen nog de Oudheidkamer was en tegenwoordig aan de Markt de naam Stadsmuseum draagt.

Rijkman Groenink is op 10 december 1918 geboren in de Kampstraat op De Beitel, waar de lange rij huisjes ‘De kesarn’ (kazerne) werd genoemd. Hij koos niet voor het beroep van zijn vader - die tuinder was - maar wilde schilder worden en ging daarom naar de ambachtsschool aan de Stationsstraat. Hier kreeg hij les van onder meer Charles Antoine Moen. Deze kunstenaar was tevens een kwart eeuw als leraar verbonden aan deze school, waar Hillebrand Ras praktijklessen schilderen verzorgde.

Huisschilder

Op 15-jarige leeftijd kreeg Rijkman werk in het schildersbedrijf van zijn leermeester Ras, die daarnaast directeur was van de ESKAF (Eerste Steenwijker Kunst Aardewerk Fabriek) en een winkel in de Oosterstraat runde. Vervolgens werkte Rijkman als huisschilder in Leeuwarden, Grotegast, Nijmegen en Sint Annaparochie, alvorens hij in dienst trad bij Haveman aan de Markt in Steenwijk.

Veel oudere Steenwijkers herinneren zich ongetwijfeld nog deze drogisterij. Hieraan was tevens een schildersbedrijf verbonden. Groenink werd medevennoot, zette later dit onderdeel zelfstandig voort en aldus ontstond schildersbedrijf Groenink. Rond zijn vijftigste levensjaar leidde zijn creativiteit ertoe, dat Groenink ook op een ‘andere wijze’ het penceel ging hanteren, uitmondend in olieverfschilderijen op persplaat en ook wel op doek. Daarnaast vervaardigde hij pastels en aquarellen. In het begin streek Rijkman Groenink heel vaak op fraaie locaties neer in gezelschap van zijn eveneens schilderende, maar al in 1988 op 66-jarige leeftijd overleden zwager Frans Opdam, die een winkel in de Gasthuisstraat had.

Muziek

De creativiteit van Groenink openbaarde zich eveneens in de muziek. Hij was organist, maar speelde eveneens mandoline en viool. Bovendien was hij dirigent van een zangkoor en de mandolineclub. Rijkman was schaatsliefhebber en bond nog ver na zijn tachtigste verjaardag de schaatsen onder. In zijn leven speelden het geloof en de kerk een cruciale rol. Speciaal voor zijn uitvaartdienst had hij zelf al de liederen uit de bundel van Johan de Heer uitgezocht. Rijkman Groenink was een man van de klok, van structuur ook en koos - zoals vele Steenwijkers - tussen de middag voor ‘warm eten’. Rechtvaardigheid stond bij deze warme persoonlijkheid hoog in het vaandel.

Nieuws

menu