Kniepertien: De kogel is door de kerk!

George Huisman Foto: Wilbert Bijzitter

Een week voor de gemeenteraadsverkiezingen 2022 toonde een meerderheid van de raadsleden zich duidelijk: het fraaie plattelandsgebied Steenwijker Kamp mag nu niet, en nooit niet, worden bebouwd.

Het is erg lang geleden dat plaatselijk politiek nieuws mij zo verheugde. Want ik zat er echt over in mijn rats: het zal toch niet gebeuren dat we die hele discussie van twintig jaar geleden over woningbouw op de Kamp opnieuw moeten voeren? Dat is ons gelukkig bespaard gebleven. Twintig van de 27 raadsleden staken hun hand op bij de vraag: wie is er tegen bouwen op de Kamp. Ik houd van deze twintig mensen.

De Kamp, míjn eeuwenoude stukje platteland dat begrensd wordt door Steenwijk, Zuidveen en Onna. Een weldadige groene linie tussen stad en dorpen. Ik ben er vier, vijf keer per week te vinden en elke keer is het anders, deze licht golvende plek waarvan het uitzicht over de stad en aan de andere kant de buurtschappen adembenemend is. Velen met mij ervaren hier nog steeds de rust om de kop, want zelfs de dieseltractor van de hardwerkende boeren hoort bij die rust.

De Kamp, dat is een stukje van mijn jeugd. Op onze vrije woensdagmiddagen, als we geen zin hadden om te voetballen, of te gaan stoeprandje gooien of te gaan blikspuiten, liepen wij vanaf de Kleine Kamp over het Goordiekien naar De (Grote) Kamp. Daar groeiden wortels en suikerbieten. Die jatten wij. Nooit meer dan wij op konden; verspilling was toen al uit den boze. Die wortels en bieten maakten wij schoon met onze mouwen of aan onze korte broek. Als er regenwater in de slootjes stond gebruikten wij dat; niks mis met puur slootwater, dat dronken wij ook gewoon, uit onze tot kommetjes gevouwen handen. De wortel en de suikerbiet smaakten puur, en dat waren ze toen ook, ze groeiden zonder rotzooi.

Verder waren er velden vol Steenwijker Kamp-aardappels. Dankzij de vruchtbare Kamp kregen duizenden mensen en dieren te eten. Het groeit er allemaal nog steeds, en gecombineerd met weilanden en volkstuintjes, en niet- en half-verharde zandpaadjes is dit oord in mijn optiek een absolute no-go voor plannenmakers en bouwvakkers.

Misschien hebben hier ooit dinosaurussen gelopen. Misschien hebben hier eens die goeie ouwe Romeinen rondgebanjerd. Voorzeker stonden hier kampementen van oorlogvoerende vijanden die onze historische stad meer dan eens belegerden. Steenwijk was toen al belangrijk, als enig droog stukje land tussen de moerassen op de weg naar Friesland.

De gemeente Steenwijkerland is 32.160 hectare groot. Zeg zeven raadsleden (D66, CU en VVD) die níet volmondig afstand van woningbouw namen: is het zó moeilijk om met je tengels gewoon van die paar honderd hectare (om mijn part 500 hectare) af te blijven?

Nieuws

menu