Kniepertien: Kunst

De Etten/AH-afbeelding van Rams Woerthe met koeienkoppen.

Ik heb onder mijn veranda twéé kunstwerken hangen. Het meisje met de parel van Vermeer (niet de echte, want van IKEA) en een Van Etten/AH-afbeelding van Rams Woerthe met koeienkoppen (min of meer een origineel). Ik geniet van allebei.

Thuis heb ik verder een tiental afbeeldingen van Steenwijk, vooral van De Toren. Schilderijen, tekeningen, een enkele oude foto. Dat vind ik mooi.

Ik heb twee tekeningen van wijlen de Gieterse kunstenares Gerda van de Heuvel. Eentje is een potloodtekeningetje op behangpapier, voorstellende een knotwilg, dat beeld treft mij. De andere is een grotere afbeelding (gesigneerd) van vier schaatsers in kleurige pakken.

Ik ben ook de gelukkige bezitter van de Vier Jaargetijden. Dan bedoel ik niet de muziekstukken van Vivaldi, al heb ik die óók, maar de vier tekeningen van Hendrik J.M. Planting uit 1989. Het bijzondere is dat dit vierluik ook levensgroot te zien is als kunstwerken langs de Schansweg in Steenwijk: Lente, Zomer, Herfst en Winter. Zomer is bijvoorbeeld een hangmat met een zwerfkei erin, Lente is een ei in een nest, etc.

Op kunstgebied zit ik simpel in elkaar: het moet wel wat voorstellen. Voor mij geen abstract werk. Ik zag eens op een sokkel een ruwe steen met een gat erin, genaamd ‘Kijk naar de toekomst’. Ik keek door dat gat -dat was de bedoeling namelijk- en ik zag een lelijk fabrieksgebouw. Geef mijn portie maar aan Fikkie.

Waar ik wel weer van gecharmeerd ben is ‘foute’ kunst. Zo hing er eens in een museum een bejubeld schilderij. Toen de schilder een kijkje kwam nemen, zag hij dat het schilderij op zijn kop hing, kennelijk al jaren. Elders werd een schets vanwege opvallend kleurgebruik en lijnenspel toegejuicht. Totdat de directeur van dat museum bekende dat het een tekening van zijn zevenjarig kind betrof…

In een welbekende Italiaanse galerie lag eens een hoopje lege champagneflessen, sigarettenpeuken en confetti. Een interieurverzorger deed zijn werk, pakte stoffer en blik en veegde de zooi fluks op. Held. De volgende morgen werd bekend dat het ‘kunst’ ter waarde van 50.000 euro was.

Onze Nederlandse Wim T. Schippers maakte voor een museum een letterlijke Pindakaasvloer, waar bezoekers aanvankelijk overheen mochten lopen. Een andere kunstenaar hing in verschillende musea stukjes pizza in plastic bakjes op. Onder het motto ‘dat kan mijn kleine broertje ook’, schilderde in Londen een schoonmaker een beroemd stuk graffiti over.

Een van de mooiste voorbeelden is natuurlijk het schilderij van Banksy, voorstellende een meisje met rode ballon, dat ter veiling werd verkocht voor 1,2 miljoen euro. Op het moment dat de veilingmeester afhamerde, werd het kunstwerk door een ingebouwde versnipperaar gehaald. De nieuwe eigenaar verkocht later het vernielde kunstwerk voor 19 miljoen euro…

Tot zover ‘kunst’. Schiet mij maar lek.

Nieuws

menu