Kniepertien: buiten spelen

Lekker buiten spelen, van jongs af aan.

Vorige week tijdens de schoolvakantie viel het me andermaal op: het was mooi weer, DUS speelden veel kinderen buiten. Op straat, op schoolplein, op voetbalveld, op grasveld. Ik zag ze hun energie kwijtraken én opladen.

Het logenstrafte de veelgehoorde uitspraak dat ‘de jeugd van tegenwoordig’ alleen maar binnen zit met computers, games en mobiele telefoons. ‘Onze’ Steenwijker kinderen -en ongetwijfeld is het in al onze kernen niet anders- zijn niet zo. Die vinden hun vertier in de openlucht.

Ik fietste langs een groot grasveld aan de Middelweg en zag een stuk of zes, zeven kinderen in een cirkel zitten. Gewoon: praten met elkaar over, hoop ik, kinderdingen. We moeten ze niet belasten met de rampspoed op deze aarde, zoals oorlogen, vluchtelingen, armoede en milieutoestanden. Laat ze lekker, zo lang mogelijk, kind zonder zorgen zijn en blijven. Laat ‘grote mensen’ maar de ellende oplossen. NB Ik zag op sociale media op Koningsdag een jong kind dat als vermaak met een stok tegen een foto van Poetin mepte, met instemmende ouderen eromheen. Wat een idioterie. Zo zou je je kind niet mogen laten opgroeien. Als kind zou je niet eens moeten weten wie Poetin is, zoals ik op die leeftijd nog nooit van Stalin en Lenin had gehoord.

Een meisje in lichtgroen shirt met voetbal onder de arm stak over om naar de groep te gaan. Ik bleef even kijken. Ze gingen een spel spelen waar ik niets van begreep, waarin twee kinderen hardliepen, een ervan plots stil bleef staan, de tweede op jacht ging naar de bal, de eerste… nou ja, dat dus. Maar ze hadden veel plezier, spanden zich in, lieten zich na de ‘wedstrijd’ waarin de kleinste het opnam tegen de grootste en mocht winnen, plompverloren op het grasveldje vallen en rolden zorgeloos heen en weer.

Ik zag hier mijzelf en de kinderen in mijn jeugd. Wij liepen op dit soort dagen een ‘rondje Zuidveen’, vanaf de Jan van Riebeeckstraat waar ik opgroeide, over het Goordijkje (wij noemden het gewoon Zandpattie), linksaf het fietspad op, bij Hoeve Lama (woonde daar destijds boer Martens?) weer links en tot slot naar het begin- c.q. eindpunt). Ik klokte altijd de langzaamste tijd. Ik was maar een schriel manneke dat maar niet in de groei wilde schieten. Het interesseerde me niks. Ik was kind in de lagere schoolleeftijd dat speelde met vrienden uit de buurt. Ik vond het verrukkelijk. Ik ben aldus opgegroeid en best goed terecht gekomen. Ik zag die kinderen vorige week en hoop dat mijn kleinkinderen óók zo zullen opgroeien: zorgeloos spelen met vriendjes en vriendinnetjes. Zonder angsten voor wat of wie dan ook. En worden ze laatste tijdens een wedstrijdje? Totaal onbelangrijk. Zolang ze maar plezier hebben.

Nieuws

menu