Zestiende-eeuwse markt van Steenwijks Ontzet trekt veel publiek: 'Samenwerking is een gouden schot in de roos'

De kookpot pruttelt op het houtvuurtje. „Wat er op het menu staat? Linzensoep”, zegt kok Dik Delfsma. De linze is een bekende peulvrucht. „De plant heeft warmte nodig, en bloeit en groeit vooral in het Midden-Oosten. En de historie gaat ver terug. Want linzen worden zelfs al in de Bijbel genoemd.” De laatste Vestingfeestdag stond woensdag, in samenwerking met Steenwijks Ontzet, in het teken van de zestiende eeuw.

Ook een kanon en schandpaal sierden het plein.

Ook een kanon en schandpaal sierden het plein. Foto: Sieb van der Laan

Om die reden stond het marktplein vol met middeleeuws vermaak, muziek en theater, oude beroepen en etenswaren. Delfsma komt nog even terug op de voedzame linzensoep. „Wat er allemaal in gaat? Een ui, prei, winterwortel, een teentje knoflook, groentebouillon, citroensap, selderij, en uiteraard rode linzen.” De soep wordt geserveerd met oerbrood. Voor liefhebbers van een lekker glaasje valt er ook wel wat te nippen. Zo is er een smakelijke streling voor de tong, oftewel een honingkruidenwijntje. „Wijn was voor de rijken. Bier brouwen deed bijna iedereen.”

Op het plein wordt Gageleer bier verkocht. „Onze wijk de Gagels is ook vernoemd naar de plant Gagels. Dat is een edele plant, en één van de ingrediënten voor de productie van het gelijknamige bier. Daar werd tarwe en later ook hop aan toegevoegd.” Mensen die na het nippen op het plein wel iets meer willen van het goddelijke vocht worden doorverwezen naar de nabijgelegen slijterij ‘Bij Bert’.

Kanon en schandpaal

Ook een kanon en schandpaal sieren het plein. Luc Greven van Steenwijks Ontzet geeft uitleg aan kinderen, waarvan de moeder juist haar hoofd en armen in de schandpaal heeft gestoken. „Mensen aan de schandpaal werden vroeger vaak met eieren bekogeld”, zo is hoorbaar. „Doe maar niet”, zo reageert de moeder wat angstig. Carolina Linthorst hijst een paar kinderen in zelfgemaakte zestiende-eeuwse kleding. Er worden fraaie selfies gemaakt. Het hijsen van de vlag door de Scutterie van Sint Clemens trekt veel bekijks. Je hoort het zachtjes klikken van de camera’s in de mobiele telefoons. Want iedereen wil zoiets historisch wel even op de gevoelige plaat vastleggen. De aanblik van de dappere stoere stadsbeschermers doet je denken aan de Nachtwacht van Rembrandt.

De samenwerking tussen Steenwijks Ontzet en Steenwijk Vestingstad wordt een paar keer ‘een gouden schot in de roos’ genoemd. „We zijn links en rechts overladen met complimenten over deze dag”, zegt Gebke Krikken van Steenwijks Ontzet. „Misschien volgend jaar iets meer budget, en hopen dat corona het dan toelaat dat we de zaken nog wat grootser kunnen aanpakken.” Arnold Struik, coördinator van de Vestingfeesten, is ook vol lof over de samenwerking. „Een prachtige dag, ook het vlag hijsen door de schutterij trok veel bekijks. Het is ook de eerste keer dat we op de woensdag voor de Nacht van Steenwijk een Vestingfeest hebben gehouden. Dat willen we de komende jaren blijven doen. Veel mensen in het zuiden en midden van het land hebben nog vakantie. Velen van hen zitten hier in de buurt. Dan is het goed dat we iets voor die mensen doen.”

Kunstenaars bij kerk

Bij de doopsgezinde kerk in de Onnastraat mag pottenbakker Geo Hultink van Kunstkring Steenwijkerland als laatste, onder het motto de wereld door de ogen van de kunstenaar, zijn kunsten vertonen. „Lest best, tenminste daar gaan we voor”, zegt Hultink lachend. „Voor mij is het een beetje een uit de klei gelopen hobby. Ik hou ook wel van doordraaien.” Hultink heeft niet voor niets een passie voor klei. „Ik werk met Franse gres klei. Daar zitten wat verontreinigingen zoals ijzer in. De klei komt zo uit de grond. Als je deze klei met een fossiele brandstof, zoals in mijn geval gas, bakt krijgt de klei die kenmerkende bijzondere kleur.” Geo heeft de 73 lentes al aangetikt. „Daarom ben ik wat aan het afbouwen. Vandaag probeer ik hier bij de kerk vogeltjes te boetseren.”

Verkoop van brocante

Oud-Steenwijker Machiel Ellen, die een mooie hoed draagt, staat met zijn kraamvol fraaie Franse brocante op de kop van de Woldpromenade. „Tegenwoordig woon ik in Zuidlaren, maar ik kom hier nog regelmatig bij mijn moeder.” Fraai glaswerk, kopjes en schoteltjes, en kleurrijke bloemenkransen staan te pronk op de kraam. „Alles komt uiteraard uit Frankrijk. Daar vertoef ik regelmatig. Als we met de camper op vakantie naar Spanje gaan stouw ik op de terugweg in Frankijk ook nog van alles tussen de spulletjes. Dan is alles zo vol in de camper dat je nog amper bij je bed kunt komen. Maar goed, je moet er wat voor over hebben.”

De brocanteverkoper runt op dat gebied zelf ook een evenementenbureau. „Ik organiseer vijf brocante fairs per jaar. Twee keer in Steenwijk, en één in Drachten, Laren en Zuidlaren.” In mei was er al een fair in Rams Woerthe. „Dat doen we bewust in die periode omdat dan alles zo mooi in bloei staat. Op zaterdag 23 oktober is er hier een brocante fair rond de Sint Clemens. Er komen ook food trucks om de inwendige mens te versterken.”