Punterbouwer Jan Schreur leverde eerste ‘subsidiepunter’ af aan Gieterse zeiler Arend Bouwer: 'Altijd een trots gevoel als ik een punter zie varen'

Om tien uur zaterdagmorgen wordt het startsein weer gegeven voor de tweewekelijkse zeilwedstrijden vanaf Smit’s Paviljoen in Giethoorn. Een van de trotse deelnemers is de Gieterse Arend Bouwer mét zijn splinternieuwe punter. Twee weken geleden werd de punter te water gelaten en ‘gedoopt’.

Arend Bouwer bij zijn nieuwe boot.

Arend Bouwer bij zijn nieuwe boot. Foto: Martijn Bijzitter

‘Niet echt natuurlijk, want we willen geen kapot glas in het water. In plaats daarvan is er een lintje doorgeknipt’, vertelt de maker van de punter, punterbouwer Jan Schreur (60) uit Giethoorn.

Hij is trots op het resultaat. Punters, hout en zeilen zijn zijn grote passie. Daarom liggen de zeilwedstrijden van zeilvereniging ’t Wiede hem ook zo na aan het hart. ‘Die punters met de wind in de zeilen, dat hoort echt bij Giethoorn en mag nooit verloren gaan’.

Schreur is blij met de subsidie van 5.000 euro die sinds dit jaar beschikbaar is voor kopers van een nieuwe punter die een exemplaar aanschaffen bij een van de twee punterpunterbouwers in Giethoorn (Schreur en Wildeboer). ‘Dat kan net het verschil maken en mensen over de streep trekken om er een aan te schaffen’, merkt hij. De eerste ‘subsidiepunter’ Van Schreur is nu dus klaar en verschijnt morgen aan de start bij de zeilwedstrijden; de tweede is in aanbouw en ligt op de werf aan het Binnenpad.

Eeuwenoud gereedschap

Een werf waar de tijd heeft stilgestaan; Jan Schreur is de 10e generatie punterbouwers (zoon Jeroen (31) die in zijn voetsporen treedt wordt de 11e) en op de werf ademt alles nostalgie uit. Hamers, beitels, zagen, vijlen, schaven: het is eeuwenoud gereedschap dat nog steeds dienst doet. Want waarom goed gereedschap vervangen wat nog prima functioneert? „Gaten boor ik nu wel met een boormachine, maar de werkwijze is nog hetzelfde als vroeger.” Het plafond lijkt laag, maar dat komt omdat de bodem bedekt is met enorm dikke laag zaagsel. Schreur nog maar drie weken bezig, maar schiet al flink op. „Het hout werkt lekker mee.” Er zijn geen tekeningen, geen mallen, hij heeft het vak van zijn vader geleerd, heeft de maten in zijn hoofd en doet alles op het oog.

Schreur raakt niet uitgepraat over de schoonheid van de punter: „Van zo’n boot heb je je leven lang plezier. Wat ook mooi is: elke boot is uniek, speciaal voor jou gemaakt. De buitenkant wordt behandeld met epoxy, een beschermlaag.” Er gaan zes lagen lak over het hout, dus hij kan tegen een stootje. „Bang voor veel onderhoud hoef je niet te zijn: een keer in de drie jaar nieuw in de lak en hij is weer als nieuw.”

'We moeten onze oude ambachten koesteren'

Hij heeft veel ruimte op zijn terrein, maar de werf zelf zit behoorlijk ingeklemd tussen camping en B&B. Hij zit dan ook te popelen om zijn werf te verplaatsen. ‘Dat geeft meer mogelijkheden om mensen te ontvangen, en te vertellen over dit prachtige oude ambacht.’ Ook andere ambachten als palingvissen en rietsnijden komt aan bod. Ook een hooiberg mag niet ontbreken. „We moeten onze oude ambachten koesteren. Ik heb niets tegen aluminium boten en sloepen, maar de punters horen echt bij ons waterdorp. Die mogen niet verdwijnen. Als het ambacht eenmaal stopt, is het weg en komt het nooit mee terug.”

Fervent watersporter

De punter die hij maakte voor Arend Bouwer is speciaal gemaakt om mee te zeilen. Bouwer is een fervent watersporter. „Mooi om weer een nieuwe ambachtelijk gebouwde punter in de gracht te brengen of tijdens zeilwedstrijden op het Wiede”, vindt hij. „Een goede zaak dat de gemeente Steenwijkerland de aanschaf van de ambachtelijke punter stimuleert voor zowel particulieren als verhuurders.”

Het exemplaar waar Jan Schreur nu mee bezig is, wordt een motorpunter. „Je hebt punters in allerlei soorten en maten.” Hij hoopt de tweede helft van het jaar nog twee punters te kunnen maken met behulp van de subsidie. „Ideaal aan de punter is dat hij heel stabiel is en weinig diepgang heeft (12 cm), waardoor de boot bijna overal kan komen, ook waar het heel ondiep is.”

Meer comfort

Hoewel een punter van oudsher een werkboot is (er werd bijvoorbeeld riet en turf in vervoerd), beseft hij dat comfort tegenwoordig ook een belangrijk aspect is. Dus worden de banken wat breder dan vroeger en komen er eventueel rugleuningen in. Ook kan er een huifje overheen, zodat je beschut zit bij regen.

Je maakt Jan Schreur niet blijer dan met een fijne zeilwedstrijd met punters: of het nou de Dag der Dagen is, de PunterBonanza (recentelijk coronaproof aangepast tot ‘Elf merentocht’ of een van de tweewekelijkse zeilwedstrijden op het Bovenwiede: „Als ik een punter zie varen krijg ik een trots gevoel, en steek ik altijd mijn duim op.”