Vissen, vissen en nog eens vissen: Sam en Flint genieten bij de Kuinderplas. 'Ik heb mijn tablet niet eens mee'

Samen vissen. Vooraan Sam en daarachter Flint. eigen foto

De broers Sam (10) en Flint (12) van Krevel uit Zwolle zijn niet bij de waterrand van de Kuinderplas weg te slaan. Vissen, vissen en nog eens vissen, af en toe zwemmen of roeien ze willen niet anders.

„Als we voorstellen om even van de camping te gaan dan protesteren ze”, zegt vader Adriaan. De jongste telg van Adriaan en Silvia van Krevel, Benjamin, struint door de struiken van camping de Veenkuil in het Kuinderbos op zoek naar kikkers. Het duurt niet lang of hij komt met een emmertje aangelopen waarin hij met trots elf gevangen kikkers toont.

Familiedag

De familie Van Krevel leerde camping De Veenkuil 4 jaar geleden kennen toen opa en oma er een familiedag organiseerden. „Sindsdien komen ze hier ieder jaar een weekje bij opa en oma logeren en nu zijn wij er ook een week met de kinderen”, vertelt Adriaan. Een mooiere plek kan het kroost zich amper voorstellen. „We staan hier al om 8 uur te vissen”, zegt Flint.

Geen kampvuren

Dit jaar zijn ze er twee weken, de eerste week met hun ouders en de tweede week bij opa en oma. „Dan mogen we later naar bed”, merkt Sam op. De drie jongens die alle drie lid zijn van survivalclub Thor in Zwolle missen dit jaar wel de kampvuren op de camping. In tegenstelling tot vorig jaar worden die niet meer gehouden op de Veenkuil. „Dat klopt”, zegt de boswachter. „Dat is nieuw beleid van Staatsbosbeheer. Alleen bij het winterkamperen zijn kampvuren toegestaan.” Het bouwen van vlotten staat uiteraard nog wel op de agenda en daar hebben ze ook enthousiast aan meegewerkt. Ze kijken alweer uit naar dit vermaak in de tweede week van hun verblijf.

Ondertussen halen Flint en Sam het ene na het andere baarsje uit het water. Vakkundig halen ze de vis van de haak en zetten die weer terug in het water. Dat de wifiontvangst op de camping niet zo geweldig is, vinden de broers prima. „De telefoon is mee om foto’s van de vangst te maken”, legt Sam uit. „Ik heb mijn tablet niet eens mee”, haakt Flint daarop in.

Ringslang

Benjamin is de hele dag bezig met kikkers en vertelt dat hij vanochtend al een pad ving, maar het amfibie piste hem over de handen. Ook ving hij al een ringslang, waarvan het wemelt op de camping. Met name de broeihoop vlakbij het vissersponton is er bijna altijd wel zo’n onschuldig reptiel te zien.

Als de vakantie op de Veenkuil er voor de jongens Van Krevel opzit, gaan ze ook nog naar Zeeland, Limburg en Lelystad. ‘We maken een hele tour met de caravan door Nederland’, besluit pa Adriaan.

Blote voeten pad

Op een kampeerveldje aan het water heeft de familie Rem uit Almere hun 6-persoons iglotent opgezet. Moeder Dorrith Rem leest gezeten op een kleed voor de tent een boek terwijl dochter Loeka (11) op de campingskelter zit en Idy (7) met haar meeloopt. Vader Menno geniet van een siësta in de tent. Het is de eerste keer dat de familie op De Veenkuil verblijft. „Hierna gaan we nog een paar daagjes naar een camping van Staatsbosbeheer in Groesbeek.”

„Het minimale en groene spreekt ons aan en de plekken zijn erg mooi”, vindt Dorrith. Voordat ze in het Kuinderbos neerstreken zetten ze hun tent al op op de bushcamp bij Lelystad. Loeka vermaakt zich op de skelter en de familie heeft ook al gezwommen bij het strandje op de camping. „Ik dan”, zegt Dorrith, „de meisjes kwamen niet verder dan hun knieën in het water. Maar het was best aangenaam.”

Alleen roeibootjes

De sup is ook mee en Loeka hoopt dat ze daar ook nog mee het water op kan. Dorrith zal daar nog over informeren, maar boswachter Alexander Jacobs laat weten dat gasten alleen met de beschikbare roeibootjes het water op mogen. „De Kuinderplas is rustgebied voor vogels en daarom staan we niet toe dat gasten met eigen vaarmiddelen het water op gaan”.

Geen stroom

Met de buurman heeft Loeka al een potje badminton gespeeld. Idy heeft genoten van het kabouterpad dat bij de camping begint en ook het blote voeten pad hebben de meisjes al met veel plezier gelopen. „En ik heb wilde paarden gezien”, roept Idy enthousiast. De kampeerders gebruiken geen stroom, wat creativiteit vraagt. „We hebben wel een koelbox, maar het is minimaal. Het lijkt wel op een overlevingstocht, het is afzien. Nee, grapje hoor, maar een winkeltje op de camping zou best gemakkelijk zijn”, bekent Dorrith, „maar het is prima zo.”

Vorig jaar vierden ze hun vakantie op de camping op Vlieland. „Het is niet zo dat we per se in Nederland blijven. We gaan ook graag naar Frankrijk, maar vanwege corona en een nieuw huis besloten we dit jaar in eigen land te blijven.” Na Groesbeek kamperen ze nog een weekje aan de Noordzeekust bij Castricum.