Mooi programma over liefde, verdriet en verlangen

Keke Keukelaar

Blokzijl - Drie eigenzinnige talentvolle jonge vrouwen, die ieder een eigen stormachtige muzikale loopbaan doormaken, vonden elkaar in een bijzonder muziek trio.

Mezzo sopraan Karin Strobos, verbonden aan het Aalto-Musiktheater in Essen, treedt als soliste op in opera’s en als liedvertolkster in binnen-en buitenland. Fluitiste Felicia van den End, winnares van onder andere het Prinses Christina Concours treedt eveneens op met grote orkesten. Pianiste Daria van den Bercken maakte indruk met haar vertolkingen van sonates van Handel en Scarlatti. Gedrieën traden ze op in de serie Blokzijl Klassiek. Er was een gevarieerd programma samengesteld met liederen over liefde, verdriet en verlangen, met vooral Spaanse en Franse klankkleuren.

Mooie balans en nuancering

De inzet begon verrassend met het bekende Chanson Bohême uit de opera Carmen van Bizet. Na de inleiding met piano en fluit voegde Karen Strobos zich daarna pas bij de anderen om temperamentvolle zigeunerlied theatraal ten gehore te brengen. Het Laissez couler mes larmes uit de opera Werther van Jules Massenet was eveneens niet ontdaan van pathetiek, dat werd gevolgd door een klagelijke Elegie van dezelfde componist. Bijzonder was de muzikale parel Soir païen, van de vergeten componist George Hüe. Het prachtige impressionistische lied geschreven voor zangstem, piano en fluit riep associaties op met Debussy. De uitvoering was erg mooi. De drie musici waren goed op elkaar afgestemd met een mooie balans en nuancering.

Drie sonates van Dominico Scarlatti

In plaats van de aangekondigde Fantasie voor fluit en piano van Fauré speelde Daria van den Bercken drie sonates van Dominico Scarlatti. Ze liet haar eigen interpretatie horen: licht, vloeiend met een zweem van romantiek. Op zich een prachtige uitvoering, maar in het geheel van het programma was het een onderbreking in de ingezette lijn van Franse romantiek. De geprogrammeerde Fantasie was een logische overgang naar de vier liederen van Fauré die volgden. Componist en arrangeur Wijnand van Klaveren had in een geslaagd arrangement de fluit op een fraaie wijze door de liederen heen gevlochten.

Technische hoogstandjes

Na de pauze waren de tegenstellingen groter. De Nederlandse componist Fant de Kanter heeft apart voor het trio drie gedichten van de Rus Boris Rizji op muziek gezet. Muziek voor spreekstem, zang, fluit en piano. Het was goed dat de mooie maar nogal sombere gedichten eerst door de dames werden voorgedragen. De muziek intrigeerde, maar was voor een eerste keer luisteren moeilijk te duiden. De performance vroeg veel technische hoogstandjes van de drie uitvoerenden.

Veel indruk

De uitvoering van de liedcyclus Canciones populares van de Spaanse componist Manuel de Falla door Karin Strobos en Daria van den Bercken maakte de meeste indruk op me. De zeven liederen die de Falla in 1914 tijdens zijn verblijf in Parijs schreef zijn gebaseerd op volksmuziek uit verschillende delen van Spanje. Het is een prachtige synthese van Spaanse stijlelementen gecombineerd met de harmonische ideeën van de Franse componist Debussy. Voor zangeres en pianist waren er evenwaardige partijen. Karin Strobos is met haar stem een alleskunner. Ze was in staat om de typisch Spaanse intonatie in alle toonaarden weer te geven. Heel mooi was bijvoorbeeld de tegenstelling tussen het broze slaapliedje Nana en de wegens ontrouw wraak nemende feeks in het lied Polo.

Staande ovatie

Het concert werd afgesloten met het bekende Non piu mesta uit Rossini’s Cenerentola. Een staaltje belcanto met snelle loopjes, korte noten en tremolo’s voor de sopraan, en een prachtig gearrangeerde fluit- en piccolopartij van Felicia van den End. Tussentijds applaus en een staande ovatie waren verdiend. Karen Strobos is een aansprekende zangeres die op veel terreinen van de zangkunst schijnbaar moeiteloos acteert. Felicia van den End is een fluitiste van grote klasse en Daria van den Bercken, een begenadigd pianiste die ook de begeleiding uitstekend blijkt te beheersen.

 

André Tempelaar